Jelte Wiersma

Typisch Europa om 30 jaar wantrouwen te vieren

Door Jelte Wiersma - 08 september 2015

Schengen bestaat 30 jaar. Nationale grenscontroles zijn vervangen door verdragen voor open grenzen en asielprocedures waaraan geen land zich houdt.

In juni bestond het Verdrag van Schengen dertig jaar, waarmee de Benelux, Frankrijk en Duitsland het vrije verkeer van personen en goederen vastlegden. Dat vierden Commissievoorzitter Jean-­Claude Juncker, Parlementsvoorzitter Martin Schulz en de Luxemburgse premier Xavier Bettel door de onthulling van elf bronzen sterren in het Luxemburgse Schengen.

Voorstanders van open grenzen worden geacht een slotje aan het kunstwerk te hangen. Een communicatiedirecteur bij de Europese Unie zegt het zo: de communicatie van de Unie is Sovjetstyle. Beelden, monumenten, vlaggen en wat niet al. In de Sovjet-Unie moest dat vlagvertoon de inwendige rot van het systeem verhullen. Met de Europese Unie gaat het dezelfde kant op.

Terwijl in Schengen werd feestgevierd door Unie-representanten, was in een groot deel van Europa één van de schaduwkanten van het verdrag te zien. Honderdduizenden immigranten komen Europa binnen omdat de buitengrenzen niet worden bewaakt.

De opstellers van het verdrag konden in 1985 geen weet hebben van de massa’s die later deze kant op zouden komen. In het oosten hing het IJzeren Gordijn, in het zuiden waren niet-Schengenlanden Spanje, Italië en Griekenland een buffer.

Gevaarlijk

Wat de founding fathers wel begrepen, was dat de binnendeuren van een huis alleen van het slot kunnen als de buitendeur goed dicht is. Toen het verdrag in werking trad, bleef elk land de buitengrenzen met niet-verdragslanden controleren. Ook mochten alleen landen meedoen met een functionerende overheid. Unielid Italië werd geweerd.

Deze twee voorwaarden, gebaseerd op gezonde scepsis, zijn beide vergeten. Na de val van het IJzeren Gordijn in 1989 mochten in de Europese euforie ook Zuid- en Oost-Europese landen meedoen. En aan de afspraak om de buitengrenzen van het Schengengebied te bewaken, houdt nauwelijks een land zich.

De reis náár het Schengengebied is vaak lastig en gevaarlijk; maar is de kust van Europa eenmaal bereikt, dan kun je vrij doorreizen, omdat geen land zich houdt aan de afspraken die in het verlengde van ‘Schengen’ zijn gemaakt. Volgens de Dublinverordening (2003) moet een immigrant in het land van aankomst asiel aanvragen. Maar Zuid- en Oost-Europese landen sturen immigranten door naar het noorden. Zijn zij er vanaf.

Eén land probeert de nationale en Schengengrens wel te bewaken én zich aan Dublin te houden: Hongarije. Maar sinds dat land een grenshek bouwt en militairen en grenspolitie inzet, hebben ze de Duitse bondskanselier Angela Merkel boos gemaakt. Zij groeide op achter het IJzeren Gordijn. Ze heeft iets tegen hekken.

Buitendeur

Merkel heeft zelfs eenzijdig ‘Dublin’ opgeblazen door te stellen dat immigranten die naar Duitsland komen, niet worden teruggestuurd naar het Schengenland van aankomst. Merkel en tal van haar landgenoten dwingen zo hun persoonlijke en nationale geschiedenis op aan de rest van Europa.

Het resultaat is een klassiek Unie-drama: iets wat nationaal prima functioneerde (de grenscontrole), is vervangen door een Europees equivalent dat niet functioneert. Niet kán functioneren, omdat belangen, culturen en de ligging van landen zo verschillend zijn. Zo ging het met de euro, zo gaat het met Schengen en Dublin.

Merkel en de Franse president François Hollande willen aanmeldcentra voor immigranten in Zuid-Europese landen om ze vanuit daar over de Schengenlanden te verdelen. Dus in plaats van ‘Schengen’ en ‘Dublin’ na te leven, worden nieuwe ‘afspraken’ gemaakt. Over het sluiten van de buitendeur gaat het weer niet.

In dit licht was de viering van dertig jaar Schengen nóg vreemder. Schengen staat voor geen afspraken nakomen, chaos en landen die andere landen met de problemen opzadelen. En voor een Duitsland dat gesouffleerd door Frankrijk  landen terechtwijst terwijl het zich zelf aan geen afspraak houdt. Typisch Europa. En typisch Europa om dat dan te vieren.

Elsevier nummer 37, 12 september 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.