Afshin Ellian Afshin Ellian

Rechters Wilders gevaarlijk bezig met betreden politiek debat

Door Afshin Ellian - 12 december 2016

De rechters in het Wildersproces begaven zich op glad ijs met hun intrede in het politieke debat, vindt Afshin Ellian. Hoewel de rechter ook gewoon een mens is, is het geven van een mening in strijd met het recht.

Het vonnis is uitgesproken. Kamerlid Geert Wilders (PVV) is schuldig bevonden aan groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie. We moeten het gezag van de rechter respecteren. Wie de rechterlijke uitspraken negeert, plaats zich al dan niet bewust buiten de rechtsorde.

Maar respect voor het gezag van de rechter impliceert ook een kritische lezing van de rechterlijke uitspraken. Dat is wat juristen en filosofen op de universiteiten leren. De opiniedelicten vormen juist de grootste dreiging voor het gezag van de rechter. Deze delicten, in hun huidige vorm, brengen de rechters in een lastig parket. Zij worden onderdeel van het politieke debat. Dat is onwenselijk en eigenlijk ook gevaarlijk. Dit vonnis van de rechtbank bewijst nogmaals mijn stelling.

‘Neprechtbank en D66-rechters’

Het vonnis van de rechtbank begint met de constatering dat de rechter dit vonnis baseert op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting –  de behandeling van de gerechtelijke procedure in de rechtszaal. Het vonnis en daarin de bewijsconstructies dienen inderdaad afgeleid te zijn uit het onderzoek ter terechtzitting. Feiten en omstandigheden van algemeen bekendheid behoeven geen bewijs (art. 338 e.v Wetboek van Strafvordering). Bij punt 3.3 van het vonnis schendt de rechtbank de zojuist vermelde bepalingen:

‘De rechtbank heeft verdachte steeds de cautie gegeven, ook bij de aanvang van de inhoudelijke behandeling, als hij twitterde. Het was de rechtbank namelijk niet ontgaan dat verdachte zich meerdere keren over deze strafzaak en de rechtbank had uitgelaten in berichten op zijn Twitteraccount. Zo schreef de verdachte over een “neprechtbank”, dat het vonnis al klaar lag en publiceerde hij foto’s van de rechters met een verwijzing naar de politieke partij D66.’

‘Een feitelijke onderbouwing daarvan of een toelichting daarop heeft de rechtbank nergens kunnen ontwaren. Ook in zijn laatste woord heeft verdachte zich bepaald niet onbetuigd gelaten. De rechtbank acht deze reacties een gekozen volksvertegenwoordiger en medewetgever die een te respecteren plaats in de Nederlandse democratische rechtsstaat inneemt, onwaardig,’ aldus te lezen in het vonnis.

Was het wel Wilders die tweette?

De rechtbank velt hier een oordeel over het gedrag van de verdachte buiten de rechtbank, en dus buiten de openbare zitting. Is dat belangrijk? Ja, anders had de rechter het vonnis niet laten beginnen met de vaststelling dat dit vonnis volledig op het onderzoek ter terechtzitting is gebaseerd. De twitteractiviteiten van de verdachte zijn tijdens de zitting niet aan de orde geweest. Zelfs vraag ik me af hoe de rechter heeft kunnen vaststellen dat de verdachte zelf, en niet een medewerker, heeft getweet. Dit is tijdens de zitting niet aan de orde geweest. De rechter heeft dit ook niet kunnen vaststellen. De rechter oordeelt dat de verdachte zich buiten de openbare zitting in relatie tot de aanklachten en het proces onwaardig heeft gedragen.

Om tot een dergelijk oordeel te komen, had de rechter deze kwestie tijdens de openbare zitting aan de orde moeten stellen. Dat was natuurlijk niet mogelijk, omdat de verdachte vrij is om als parlementariër zijn mening te geven over een strafzaak inzake zijn afwijkende politieke mening. Ik begrijp volledig dat de rechters de behoefte hadden om daarover hun mening te uiten. De rechter is immers ook een mens, maar het geven van een mening is juist in strijd met het recht. Omdat de hele strafzaak over een vreedzame opinie van een politicus ging, kon een dergelijke juridische faux pas ontstaan. Ik leg de nadruk op ‘vreedzaam’, omdat de opmerking ‘minder, minder’ geen gewelddadige aspecten bevat. Er is daartoe ook niet opgeroepen. Wilders’ oproep heeft ook niet onbedoeld geleid tot geweld.

Niet aangeklaagd vanwege twittergedrag

De verdachte werd niet aangeklaagd vanwege zijn – voor een ‘parlementariër onwaardig’ – twittergedrag. Toch mengde de rechter zich in het politieke debat doordat de rechter buiten de ten laste gelegde feiten en buiten de feitenconstructie die tijdens de zitting zijn behandeld, zich gedwongen voelde om een politiek en moreel oordeel te geven over de uitingen van een volksvertegenwoordiger. Dat is niet waarover de rechtszaak ging.

Het is niet aan de rechter om een politiek en moreel oordeel te vellen maar om op verzoek van het OM het gedrag van de aangeklaagde te toetsen aan de wetten. Overigens ben ik het volledig eens met de rechtbank dat Wilders’ uitlating ‘neprechtbank’ een verwerpelijke aantijging is. De strafzaak tegen Wilders moet voorbij alle emoties van voor- of tegenstanders worden behandeld. De rechter heeft onbewust de gevaarlijke arena van het politieke debat betreden.

Uitspraak Wilders lijkt wijs, maar ondermijnt de democratie, schrijft Syp Wynia >

Wat verstaat de rechter eigenlijk onder het begrip debat?

De rechtbank introduceert een te beperkte en bijna onrealistische uitleg van het begrip debat: ‘Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens ziet meer ruimte voor vrijheid van meningsuiting tijdens een debat (in de betekenis van een discussie tussen twee of meer deelnemers). De uitlatingen van de verdachte zijn echter niet gedaan tijdens een debat, want het was de verdachte die zijn aanhang en iedereen die hij via de media hoopte te bereiken, toesprak.’

Het politieke debat wordt op allerlei manieren gevoerd: via een opinieartikel, een interview, een tweet, een bericht op Facebook, een toespraak tot aanhangers. Enzovoort. Met zijn ‘minder, minder’- uitspraken, initieerde Wilders een politiek debat. De rechter zegt feitelijk tegen de politici: u mag slechts debatteren wanneer u in gesprek bent met twee of meerdere personen. Een toespraak tot volgelingen is geen bijdrage aan het politieke debat. Er is ook nog een ander probleem met deze beperkte uitleg van het begrip debat. Mag Wilders in een debat met zijn opponenten de ‘minder, minder’-uitspraak doen waarna zijn aanhang de gewraakte uitspraak gaat herhalen?

Woensdag volgt mijn analyse van het vonnis: opzet, aanzet en strafmotivering.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.