nederland

Willem-Alexander ingehuldigd als Koning

Door Arne Hankel - 30 april 2013

Koning Willem-Alexander heeft de eed afgelegd tijdens de Inhuldigingsceremonie in De Nieuwe Kerk in Amsterdam.

‘Ik zweer aan de volkeren van het Koninkrijk dat ik het Statuut voor het Koninkrijk en de Grondwet steeds zal onderhouden en handhaven,’ aldus Willem-Alexander, die ook zwoer de onafhankelijkheid en het grondgebied van het Koninkrijk ‘met al mijn vermogen’ te verdedigen en bewaren en de vrijheid en rechten van alle Nederlanders en alle ingezetenen te beschermen.

Dank Beatrix

Het voor het eerst dat het Statuut, dat de relatie regelt met Aruba, Curaçao en Sint Maarten, in de eed is opgenomen. De koning wordt na de eedaflegging ingehuldigd door de leden van de Staten-Generaal en vertegenwoordigers van de Staten.

Willem-Alexander dankte in zijn Inhuldigingsrede zijn moeder prinses Beatrix voor haar werk als zijn voorganger. De tweeduizend aanwezigen in De Nieuwe Kerk beloofden de dankzegging met een minutenlang daverend applaus voor prinses Beatrix.

Ze was ‘rustig te midden van woelige baren’ en hield een stabiele koers aan, zei Willem-Alexander tot zijn ‘lieve moeder’. Ze was haar plicht altijd toegewijd, niet alleen als koningin, maar ook als echtgenoot, moeder en hoofd van de familie. Dat zorgde voor innerlijke spanning, zei de koning, maar op haar werd nooit vergeefs een beroep gedaan.

Kwetsbaar voelen

Willem-Alexander zei ook dat het feit dat de koning van Nederland geen politieke verantwoordelijkheid heeft, niet betekent dat hij geen verantwoordelijkheid draagt. ‘Anders zou de eed die ik straks afleg betekenisloos zijn,’ zei koning Willem-Alexander dinsdag in De Nieuwe Kerk.

Het koningschap is niet statisch, benadrukte Willem-Alexander, maar past zich aan veranderende omstandigheden aan. ‘Ik treed aan in een periode dat velen zich kwetsbaar voelen. Ze zijn onzeker over hun inkomen of hun leefomgeving. Dat kinderen het beter zullen krijgen dan hun ouders, lijkt minder vanzelfsprekend dan vroeger.’

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.