Afshin Ellian Afshin Ellian

Door emotiejournalistiek verliest Westen realiteit uit het oog

Door Afshin Ellian - 10 augustus 2016

Westerse journalisten tonen bij gebeurtenissen om ons heen vaak hun morele superioriteit, die is gebaseerd op fragmentarische beelden van de werkelijkheid. Dat kan tot grote ongelukken leiden.

Sinds de Vietnamoorlog bestaat er een merkwaardige vorm van journalistiek. De westerse journalisten ervaren zich als onderdeel van de geschiedenis waarvan ze zelf getuige zijn. Dat brengt een zware last met zich mee. Dit wordt nog complexer wanneer we in ogenschouw nemen dat de meeste journalisten de linkse moraal hanteren. Het woord is al gevallen: de moraal.

De gemoraliseerde journalistiek is een actieve deelnemer geworden aan de actuele geschiedenis. Wat ze kunnen zien, zijn slechts de gebeurtenissen die zich op een gegeven moment realiseren of actualiseren. Wat ze dus niet kunnen zien, zijn de potentiële, mogelijke gebeurtenissen. Ze hoeven niet te gaan raden of fantaseren, maar ze moeten slechts dwars door de actualiteit heen zoeken naar wat zich nog niet openbaar heeft gemaakt. De emotiejournalistiek is daartoe niet in staat.

Misleidende, fragmentarische beelden van de werkelijkheid
De media, vooral de beeldende media, beïnvloeden de politieke besluitvorming. De permanente herhaling van de afschuwelijke beelden uit oorlogsgebieden of andere rampgebieden hebben een dwingend karakter: de politici die zich daaraan onttrekken, worden als onverschillige, immorele mensen gezien. De emotiejournalistiek doet geen verslag van gebeurtenissen, maar vraagt eigenlijk naar een actuele morele reactie van politici en anderen. We worden gedwongen in een herhaling van beelden, zonder een diepgravende uitleg te leveren.

De fragmentarische beelden zijn niet zelden incompleet, misleidend of zelfs onjuist. Wanneer we bijvoorbeeld de westerse mediabeelden omtrent de Iraanse revolutie (1979) als uitgangspunt nemen, moeten we tot de conclusie komen dat er duizenden mensen om het leven waren gekomen. Daarin geloofden ook de meeste Iraniërs.

Dodental omtrent Iraanse Revolutie bleek veel lager
Al in de nadagen ervan zei de leider van die revolutie, Ruhollah Khomeini, dat er 70.000 doden, martelaren, waren gevallen. Later bleek dit niet het geval: er vielen ruim 2.000 doden als gevolg van negen maanden chaos en een paar dagen burgeroorlog in een aantal steden van Iran. Het was de Iraanse regering zelf die later, vanwege de speciale uitkering voor de families van martelaren, de exacte getallen wilde uitzoeken: ruim 2.000 maal uitkeringen is aanzienlijk minder dan 70.000 maal.

Het getal 70.000 gebaseerd op de westerse beelden roept een andere type emotie op dan het getal 2.000.

Halleluja voor Arabische vrijheid
Recentelijk hebben de meeste westerse media een zeer negatieve rol gespeeld bij de Arabische opstanden (of de zogenaamde Lente, ook een westerse journalistieke uitvinding!). Deze media hebben niet alleen de publieke emoties, maar ook de politieke debatten en besluitvorming beïnvloed. Met uitzondering van weekblad Elsevier wilde de rest alleen maar een groot halleluja zijn voor de Arabische vrijheid. NOS, BBC, CNN en Al-Jazeera spanden daarbij werkelijk de kroon.

Deze media, met hun fragmentarische beelduitzendingen, beïnvloeden de publieke opinie en de politieke besluitvorming. Terwijl de westerse journalisten massaal in Egypte waren – toen daar de revolutie uitbrak – wilde niemand zich afvragen wat voor regime uit deze revolutie voortkomt.

En in de studio mocht journalist Bertus Hendriks in emotionele toestand de overwinning van het Egyptische volk analyseren. Hij analyseerde slechts een fragment van de politieke werkelijkheid: een deel van de bevolking die in Caïro op straat was en een deel van de bevolking die de Moslimbroeders vertegenwoordigde.

Moslimbroederschap werd opgevoerd als normale democratische beweging
De Britse BBC deed precies hetzelfde: met een beroep op de wil van de Arabische massa in Caïro voerden de BBC-journalisten een ideologische politieke beweging, namelijk de Moslimbroederschap, als een normale democratische groep op.

De Moslimbroederschap is niet alleen een organisatie, het is vooral een politieke ideologie die tot de oprichting van talloze organisaties heeft geleid: Al-Qa’ida, Hamas, Taliban et cetera. Dit belangrijke deel van de werkelijkheid werd niet kritisch verslagen. Het beeld van de Egyptische revolutie was daarom een fragmentarisch beeld.

De westerse journalisten zijn kennelijk alleen geïnteresseerd in emotionele fragmentarische beelden: misère! Tot mijn verbazing ontbreekt bij een grote groep journalisten het kritisch vermogen om eigen idealen en standpunten aan de realiteit te toetsen. Laat ik het toch zeggen: het ontbreekt aan kennis en ook hier en daar intelligentie.

Realiteit uit het oog
De morele superioriteit van westerse journalisten is door en door verbonden aan dramatische fragmentarische beelden en niet aan een kritisch en zinnig beeld van de werkelijkheid.

Emotiejournalistiek is even onwenselijk en gevaarlijk als emotiepolitiek. Ze kunnen op grote schaal ongelukken veroorzaken.

Vrijdag ga ik verder met concrete voorbeelden uit de oorlogsjournalistiek in Libië en Syrië en de migratiecrisis in de Europese Unie.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.