Simon Rozendaal

Vroeger was alles slechter (5): de asbestgekte

Door Simon Rozendaal - 03 juni 2016

Simon Rozendaal is chemicus en schrijft al veertig jaar over wetenschap, waarvan dertig jaar voor Elsevier. Onlangs publiceerde hij het alom geprezen Alles wordt beter! Nou ja, bijna alles.

Deze week een fragment uit dat boek over asbest. Op woensdag 2 juni publiceerden twee burgemeesters, twee bestuurders van woningcorporaties en de Nijmeegse hoogleraar Ira Helsloot het pamflet Laten we eindelijk normaal doen over asbest. Daarin betoogden ze dat er in Nederland sprake is van asbesthysterie en dat daardoor honderden miljoenen euro’s verspild worden.

Ook in het weekblad Elsevier is dit de afgelopen decennia regelmatig gesteld en Rozendaal schreef in zijn boek een hoofdstukje over asbest, waarin hij probeert te verklaren waarom zo weinig mensen weigeren in te zien dat het tegenwoordig in bijna alle opzichten beter gaat dan vroeger. Een van zijn verklaringen is dat er groepen in de samenleving zijn die er baat bij hebben om de situatie van nu slecht af te schilderen. De asbestgekte is daarvan een voorbeeld.

Geld in het laatje

De eerste keer dat tot mij doordrong dat er goed te verdienen valt aan angst was toen ik me in asbest verdiepte. Even voor alle duidelijkheid: ik zal de risico’s van asbest niet bagatelliseren. No way. Asbest is een ernstig gezondheidsprobleem. De kleine scherpe vezels kunnen zich diep in de longen nestelen en daar een geniepige kanker (mesothelioom, ook wel asbestkanker) veroorzaken.

Naamloos-1-2-161x250Het boek Alles wordt Beter! Nou ja, bijna alles (Uitgeverij Atlas) is hier te bestellen

Maar asbest is een containerbegrip voor allerlei stoffen. Slechts van één – crocidoliet (blauw asbest) – staat vast dat het levensgevaarlijk is. Over alle andere soorten bestaat serieuze twijfel. Zo’n 90 procent van alle soorten asbest die ooit gebruikt zijn, is wit asbest.

Dat is in chemisch opzicht wezenlijk anders dan blauw. Wit asbest (chrysotiel) is een silicaat van magnesium, blauw asbest een silicaat van natrium en ijzer. Ze hebben de de naam asbest gemeen, maar dat is het dan ook wel. Een beetje zoals een leeuw en een lam beide zoogdieren zijn.

Ik was in 1993 op bezoek bij de Zeeuwse patholoog-anatoom Hans Planteydt, die samen met Jan Stumphius, bedrijfsarts bij de Vlissingse scheepswerf De Schelde, het asbestprobleem op de wereldkaart heeft gezet. Hij vertelde me dat er tijdens de Tweede Wereldoorlog in Engeland twee fabrieken voor gasmaskers waren. In de ene werd met blauw asbest gewerkt, in de andere met wit asbest. Alleen onder de arbeiders die met blauw asbest werkten, kwam later mesothelioon – de vingerafdruk van asbest – voor.

Reinste hysterie

Een ander voorbeeld, waar de Amerikaanse politicoloog Aaron Wildavsky me een jaar eerder op wees, is het plaatsje Asbestos in Canada. ‘Dat mijnstadje ís asbest. Al decennialang draait alles om asbest. Toch hebben echtgenoten en kinderen van de mijnwerkers daar geen gezondheidsschade. De mijnwerkers zelf wel, al is het niet duidelijk wat door roken en wat door asbest komt, maar de geringe concentraties waaraan hun familieleden zijn blootgesteld, leiden niet tot extra sterfte.’

ANP-15096242-1200x800 (1)Vroeger was alles slechter (4): dieren werden mishandeld

Zoals Hans Planteydt – nogmaals: een van de grootste asbestdeskundigen ooit – in 1993 in Elsevier zei over asbestverwijdering in Nederland: ‘Een giller, die mannen in maanpakken. Het heeft niets met wetenschap te maken, maar alles met psychologie en politiek. Je reinste hysterie. Wel kost het goud.’

In Nederland werd blauw asbest in 1978 in de ban gedaan en alle andere vormen in 1993. Dat heeft een aardige bedrijfstak in het leven geroepen. De bedrijven die in asbestverwijdering zijn gespecialiseerd, verdienen goed, juist omdat iedereen als de dood is wanneer ergens asbest wordt aangetroffen.

Het heeft de sloopsector een flinke impuls gegeven. Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) had het in een rapport uit 2014 zelfs over de ‘sloop- en asbestverwijderingsbedrijven’. De asbestverwijdering alleen tekent voor ruim 400 miljoen euro en heeft nauwelijks last van de crisis. Logisch, want angst trekt zich weinig van conjectuur aan.

Aan de grote klok

Het EIB verwacht dat de asbestverwijderingsbranche (driehonderd gespecialiseerde bedrijven) met 7 procent per jaar zal groeien. Zeven procent groei – dat zijn cijfers die normaal alleen in de Chinese economie voorkomen! De groei in de sloopbranche komt dan ook bijna uitsluitend op het conto van de asbestverwijdering. Ergens in 2018 schiet de asbestbranche alleen door het plafond van 1 miljard euro.

Ik stond in de jaren negentig eens bij de junioren van Sparta naar het voetballen te kijken van mijn zoon, samen met een andere vader, die een asbestverwijderingsbedrijfje had. Onze beide zoons waren geen grote voetbaltalenten, dus we hadden tijd om een boom op te zetten. Toen ik tegen hem zei dat ik van diverse deskundigen had gehoord dat alleen blauw asbest gevaarlijk was, zei hij: ‘Ja natuurlijk, dat weet iedere asbestverwijderaar. Maar je denkt toch niet dat we dat aan de grote klok hangen?’

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.