Eric Vrijsen

Buma zou wel gek wezen als-ie nu over links gaat

26 mei 2017

‘Het. Gaat. Niet. Gebeuren,’ zei Sybrand Buma (CDA) vorige week toen zijn SP-collega Emile Roemer bleef hameren dat het CDA over links moest gaan.

Buma zou premier worden! CDA, D66, GroenLinks, SP en PvdA konden een nieuwe koers inslaan voor Nederland! En alle andere mogelijkheden voor meerderheidsvorming raakten uitgeput! Moet je eens kijken hoe prachtig ze in allerlei steden en provincies al samenwerkten!

Nu de formatie muurvast zit, krijgt Roemer theoretisch gelijk. Zit een meerderheidskabinet onder leiding van de VVD er niet in, dan komt er géén Rutte III en moeten de overige partijen het in het landsbelang iets anders bedenken. SP’ers hopen dat Buma de kar omdraait.

IJdele hoop. Het gaat niet gebeuren.

Op lokaal niveau geen inkomens- en integratiebeleid

Op lokaal en provinciaal kunnen partijen elkaar makkelijker vinden dan op nationaal niveau. Daar spelen kwesties als inkomensverdeling en immigratiepolitiek nauwelijks. In gemeenteraden en Provinciale Staten gaat het om praktische oplossingen voor bestuurlijke vraagstukken. Zoals weleens wordt gezegd: ‘Er zijn geen socialistische lantaarnpalen en geen christen-democratische stoeptegels.’

Buma is niet te verleiden door de SP die hem het Torentje aanbiedt. In de eerste plaats zou dan ook de PvdA moeten meedoen. Maar die partij veroordeelt zichzelf tot de oppositie vanwege de zware verkiezingsnederlaag. PvdA-leider Lodewijk Asscher voelt zich niet gelukkig in Rutte III, dus ook niet in Buma I.

De actieve achterban van het CDA kent nog altijd een linkervleugel. Daar leeft stiekem de wens van een coalitie met vier linkse partijen. Maar juist daarom wil Buma er niet op speculeren. Hij wist het CDA te bevrijden uit de richtingenstrijd tussen links en rechts. Als hij in strijd met alle beloften en uitspraken plompverloren over links zou gaan, riskeert hij de eenheid in zijn CDA.

Twee grootste partijen in oppositie is irreëel

Het zou ook ondemocratisch zijn. Een kabinet-Buma houdt in dat de twee grootste partijen – VVD en PVV – naar de oppositie worden verbannen. Zoiets is niet reëel. De kiezers zouden het CDA bij de eerstvolgende gelegenheid keihard afstraffen.

Ten slotte is er nog de persoonlijke noot. Buma beschrijft zichzelf als ‘een dieseltje’. Hij is man van de lange adem. Hij is behoudend, maar niet puur rechts. Hij is zeker sociaal bewogen. Een beetje in de geest van zijn oudoom Wiardus Wilhelmus van Haersma Buma (1868-1927), die kantonrechter was in Emmen. Die man veroordeelde overdag de toenmalige armoedzaaiers voor kleine diefstalletjes en andere misdrijfjes. Hij legde pittige boetes op. ’s Avonds laat stonden ze aan de achterdeur van zijn villa en betaalde hij ze hetzelfde bedrag uit eigen zak terug. Dat is een beetje de Buma-manier. Rechtlijnig, maar toch ook weer met compassie.

SP’ers mogen nu nog even dromen over regeringsdeelname. Buma zal geen coalitie met ze vormen. Hij heeft van dichtbij meegemaakt hoe het CDA in 1994 – na een moeizame coalitie met de PvdA – onderuitging. Hoe het CDA in de oppositie twijfelde tussen links en rechts. Hoe het CDA onder Jan Peter Balkenende vanaf 2002 herstelde dankzij een rechtse koers. Hoe het in 2010 – na een moeizame coalitie met links – weer misliep. Buma zou wel gek wezen als-ie nu over links gaat.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.