Hans van Tellingen

Met méér autobezoekers méér winkelomzet: de feiten over gratis parkeren

Door Hans van Tellingen - 02 april 2019

Gratis parkeren zorgt voor flink meer winkelomzet, toont Hans van Tellingen in zijn blog aan.

‘No parking no business’. Dat is een uitspraak uit de jaren vijftig. Toegeschreven aan Bernardo Trujillo. Een Amerikaans/Colombiaanse retail- en marketingexpert. Het komt erop neer dat een winkelcentrum of –gebied uitstekende parkeervoorzieningen moet kennen. Er is namelijk een sterke relatie tussen parkeervoorzieningen en winkelomzet. Tot een jaar of zeven geleden trok vrijwel niemand dit in twijfel. Ook autohaters niet. Maar ‘the times they are a changin’ ’.

Hans van Tellingen

Hans van Tellingen is geograaf en regioloog en is directeur/eigenaar van winkelcentrumonderzoeker Strabo bv. Hij is hoofdauteur van Waarom Stenen Winkels Winnen. Hij schrijft de komende tijd meerdere blogs over dit onderwerp.

Publicaties van Hans Voerknecht en Giuliano Mingardo vinden gretig aftrek. Zij doen dat uit naam van het Kennisplatform Verkeer en Vervoer, het CROW en de Erasmus Universiteit. Mingardo is zelfs op ‘parkeren’ gepromoveerd in 2016. En heeft daarbovenop de zogenaamde ‘British Parking Award 2017’ toegekend gekregen.

Besteden fietsers echt meer dan automobilisten?

In veel publicaties proberen Mingardo cs aan te tonen dat ‘gratis parkeren’ niet bestaat. Verder wordt beweerd dat mensen die met de voet of fiets komen, belangrijker zijn voor de winkelomzet dan mensen die met de auto komen. En dat je eigenlijk prima afkunt met minder parkeerplekken op winkellocaties. Veel mensen geloven hem. Mingardo baseert zich op eigen onderzoek. Twee mini-onderzoekjes om precies te zijn. In de omgeving van een buurtsuper in Leiden. En in de winkelstraat de Meent in Rotterdamse binnenstad. Geen representatieve voorbeelden. Kwalijker is dat hij de bestedingen van fietsers en voetgangers met een veelvoud vermenigvuldigt. Zodat het net lijkt alsof voetgangers en fietsers belangrijker zijn voor de winkelomzet dan bezoekers die met de auto komen. Een rekenfout. Volgens sommigen zelfs bijna een Diederik Stapeltje.

Je zou het ook ‘alternatieve feiten’ kunnen noemen

Mijn bedrijf Strabo bv verricht bezoekersonderzoek in winkelcentra en winkelgebieden. In totaal hebben wij meer dan 500 winkelcentra en winkelgebieden onderzocht. Wij brengen bezoekerstotalen in kaart. Maar leveren dus ook informatie over daadwerkelijk gerealiseerde omzet. Strabo kan door middel van een telling en een enquête de omzet en vloerproductiviteit van een winkelgebied nauwkeurig vaststellen. De methode geldt als dé standaard in retailland. Feitelijk gedrag wordt in kaart gebracht. Door waarneming. En zo weet je dus ook wat het werkelijke omzetaandeel is van consumenten die met de auto zijn gekomen.

Uit de onderzoeken van de periode 2015 tot en met 2017 zijn 34 willekeurige winkelcentra geselecteerd. Een mix van acht wijkwinkelcentra én 27 stadsdeelcentra / complete kernwinkelgebieden / delen van kernwinkelgebieden. Het zijn onderzoeken met een hoge betrouwbaarheid. De 34 zijn als bijzonder representatief te beschouwen voor stadsdeelcentra, wijkcentra en (delen) van het hoofdwinkelgebied/kernwinkelgebied.

De auto is essentieel voor de winkelomzet: het bewijs

Samenvattend resulteren de volgende uitkomsten:

  • 44% van alle bezoekers komt met de auto. Dat is een gemiddelde van zowel kernwinkelgebieden, stadsdeelcentra als wijkwinkelcentra.
  • De automobilist is goed voor 61% van de totale winkelomzet.
  • Bezoekers per auto besteden gemiddeld twee tot bijna drie keer zoveel als bezoekers die lopend komen of per fiets.
  • In een aantal stadsdeelcentra, met geheel of gratis parkeren, ligt het aandeel ‘auto’ in de winkelomzet vaak nog hoger dan 60% en bedraagt het omzetaandeel soms meer dan 80%.
  • Het parkeertarief, als er geen sprake is van gratis parkeren voor de consument, heeft weinig invloed en is dus relatief in-elastisch. Het maakt niet veel uit of je bijvoorbeeld € 1,80 of € 2,30 per uur moet betalen. Grote prijsverschillen, bijvoorbeeld 20 cent per uur of 3 euro per uur, hebben wel enige invloed. Maar wat écht uitmaakt is of het ‘gratis’ of juist ‘niet gratis’ is. Dat is allesbepalend.

Verder: leidt gratis parkeren tot extra winkelomzet?

Het antwoord hierop is een volmondig ‘ja’. Er zijn namelijk 26 stadsdeelcentra en (delen van) kernwinkelgebieden bekeken. Bij acht van deze centra kan (geheel of gedeeltelijk) gratis worden geparkeerd. Bij achttien centra is er sprake van betaald parkeren. Het percentage dat met de auto komt in deze centra – daar waar er sprake is van betaald parkeren – bedraagt 39%. Deze groep is dan goed voor 55% van de winkelomzet. Vergelijk dit eens met de centra met gratis parkeren. Hier komt 53 % met de auto. En dat is goed voor 75% van de winkelomzet. Centra met gratis parkeren worden dus door ruim 14%-punt extra autobezoekers bezocht. En wanneer dat nieuwe autoklanten betreft, levert dat 20% extra omzet op.

Figuur 1: percentages autogebruik en omzetaandelen in stadsdeelcentra/kernwinkelgebieden met betaald parkeren en met gratis parkeren

Maar is dit niet een vervanging van transportmiddel, zal een aantal van u misschien beweren? Betreft dit niet mensen die anders lopend of met de fiets zouden zijn gekomen? Klopt, zeggen wij dan. Maar slechts voor een klein deel. Een groot deel bestaat uit nieuwe autoklanten. En dat zijn met name ook mensen uit het secundair verzorgingsgebied, die anders niet of veel minder zouden komen. En dat zijn juist de bezoekers die vaak extra veel besteden.

De relatie tussen bestedingen en verblijfsduur

Hoe langer men in een winkelgebied verblijft, hoe hoger de bestedingen zijn. Het is dus zaak om mensen zo lang mogelijk in je winkelgebied te laten verblijven. De meest bestedende consumenten zijn autobezoekers. Dus juist zij dienen verleid te worden nog langer te blijven. En dan helpt gratis parkeren.

Figuur 2: Gemiddelde besteding per bezoekeenheid naar bezoekduur 

Beloon langparkeerders

Eigenlijk zou de totale gratis parkeerduur naar twee uur moeten. Of zelfs naar drie uur. Dat loont. Het levert veel extra winkelomzet op. Sterker nog: je zou bezoekers moeten belonen voor lang parkeren. Het parkeren dient dus eigenlijk sowieso al gratis te zijn. Maar je kunt mensen die lang verblijven ook geldelijk belonen. Daarbovenop. Hef in ieder geval dus geen entree voor winkelbezoekers. Maar eer deze mensen juist. Zorg ervoor dat ze terug willen komen. En ze zullen steeds meer bij je besteden.

Effect invoer betaald parkeren

En wat is het effect van het invoeren van betaald parkeren? Daar waar het eerst gratis was? Gemiddeld genomen nam het bezoek aan het winkelcentrum met 20% af. Dat had een negatief effect op de winkelomzet van ongeveer 30%. Forse percentages. Percentages die het verschil kunnen maken tussen succes en faillissement.

Effect invoer gratis parkeren

En wat is dan het effect van het invoeren van (gedeeltelijk) gratis parkeren? Het bezoek stijgt in zo’n geval met 8% tot 15%. En de omzet stijgt navenant met 10 tot 20%. Forse percentages. En ook weer percentages die het verschil kunnen maken tussen succes en faillissement.

Door mensen als Mingardo wordt vaak beweerd dat verlaging van parkeertarieven niet werkt. Dat klopt ten dele. Maar wél gratis of juist niet gratis parkeren: dat maakt wél uit, zo blijkt. Gratis parkeren moet duidelijk gecommuniceerd worden. De consumenten in het verzorgingsgebied moeten het weten. Ook de strekking dient duidelijk te zijn. Het moet altijd gratis parkeren zijn. Alleen dan werkt het. Niet alleen op woensdagochtend. Of dinsdag tussen 14.00 en 16.00 uur.

Is het ook wel eerlijk eigenlijk? Betaald parkeren voor de consument?

Waarom moeten mensen betalen voor parkeren in winkelgebieden? En niet voor parkeren in de woonwijk? Wegen, rioleringen en dergelijke kosten even veel in de woonstraat als in de winkelstraat. Betaald parkeren in winkelgebieden lijkt te worden gebruikt als cash cow. En als reguleringsinstrument (in sommige gevallen heeft dat wel nut, in hele drukke gebieden). De gemeente speelt dus ondernemertje. De gehele administratie daaromheen zal waarschijnlijk echter bijna net zo veel kosten als dat het oplevert. Vaak is het dus een kwestie van relatief zinloos geld rondpompen. Betaald parkeren is bedoeld is als verdieninstrument. Maar in de praktijk levert het maar weinig netto verdiensten op. Goed voor de banenverschaffing. Maar slecht voor de consumenten. Slecht voor de retail. En slecht voor de economie.

En de deeleconomie? En de millennials die geen auto’s (en huizen) meer willen bezitten?

De argumenten van de anti-autolobby gaan vaak in op de veranderende maatschappij. Bezit wordt minder belangrijk. Mensen willen in de stad wonen. Huizen huren. En niet kopen. Mensen willen geen auto meer. Tja. Dat blijkt dus óók niet waar te zijn. Het is waar dat in de crisisperiode 2008-2015 iets minder auto’s werden gekocht. Maar op dit moment is er sprake van een inhaalslag. Ook de millennial wil een huis. En een auto.

‘Betekenisvolle verschillen tussen generaties bestaan waarschijnlijk niet. Veel eigenschappen die aan millennials worden toegeschreven zijn simpelweg eigenschappen van jonge mensen. En jonge mensen worden ouder’. Het wagenpark zal alleen nog maar toenemen. Dat blijkt ook uit de nieuwste CBS-cijfers. Zowel het autobezit (ook onder jongeren) als het autogebruik nemen de laatste paar jaar weer (fors) toe.

En winkelstraten die autovrij of –luw moeten worden?

Sommige mensen pleiten voor autoluwe of autovrije winkelstraten. Of zelfs complete autovrije binnensteden. Nu is dat laatste idee waanzin. Maar in sommige gevallen kunnen autovrije of autoluwe winkelstraten wel degelijk nut hebben. De Kalverstraat is al decennia autovrij. Net als de Herestraat. Of de Demer. En je rijdt met de auto ook niet dwars door een winkelcentrum heen. Maar van belang is dat parkeren in de buurt mogelijk is. Op loopafstand.

Blauwe zones

Een goed instrument is de invoer van blauwe zones. Daarmee worden ongewenste langparkeerders (vaak winkeliers zelf) weerhouden om de plek bezet te houden voor de klanten. Vaak is een blauwe zone (let wel: in een groot regionaal winkelgebied moet je wel drie uur aanhouden, is het devies) ook een alternatief voor huidige winkelcentra die af willen van betaald parkeren. Uiteindelijk levert dat weer nieuwe klanten op. Of klanten die waren weggebleven na de invoer van betaald parkeren.

Lesson to be learned: no parking no business

OK, zult u denken, het gaat toch om veel meer dan parkeren? En in de Amsterdamse en Utrechtse binnenstad, waar parkeren in veel opzichten wordt belemmerd, gaat het toch juist goed met de winkels? Eens, zeggen wij dan, ‘goed parkeren’ is slechts een van de variabelen voor een goed draaiend winkelcentrum of winkelgebied. Aanbod, locatie, kwaliteit, bereikbaarheid, horeca, trekkers, ondernemerschap: het zijn allemaal belangrijke issues.

Maar: het belang van parkeren is wél heel groot. Bezoekers per auto zijn goed voor het leeuwendeel van de winkelomzet. Over het algemeen geldt dan ook: parkeren is van essentieel belang voor het functioneren van winkelcentra en winkelgebieden. Als je parkeren beter faciliteert en (deels) gratis maakt voor de consument, dan ben je spekkoper. Met meer bezoekers. Meer winkelomzet. En met meer tevreden klanten. Die ook terug komen. Simpel.

Lees ook de eerdere blog van Hans van Tellingen: E-commerce is het domste businessmodel ter wereld

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.