Onno Aerden

Geachte Tom van der Molen, de Gouden Eeuw is van ons

Door Onno Aerden - 14 september 2019

Publicist en communicatieadviseur Onno Aerden geeft wekelijks ongevraagd advies aan iemand in het nieuws. Deze week aan Tom van der Molen, conservator zeventiende eeuw van het Amsterdam Museum: ik hoop dat dit een publiciteitsstunt is, want inhoudelijk blijft er geen spaan heel van uw oproep tot een ban op de term ‘Gouden Eeuw’.

Afgelopen donderdag verscheen op de website van het museum waar u werkt, het Amsterdam Museum, een heus statement. In krom Nederlands staat daar onder meer: ‘Het museum stelt dat “Gouden Eeuw” (…) hun streven naar inclusiviteit en het tonen van meerdere perspectieven op de geschiedenis in de weg staat.’ U krijgt zelf een ‘quote’ in het bericht: ‘Iedere generatie en elk persoon moet in staat worden gesteld zijn of haar eigen verhaal over de geschiedenis te vormen. De dialoog daarover heeft ruimte nodig, de naam “Gouden Eeuw” beperkt die ruimte.’

Onno Aerden

Publicist en communicatieadviseur Onno Aerden geeft wekelijks ongevraagd communicatie-advies aan iemand (m/v) die de publiciteit haalde.

Mijn eerste reactie toen ik dit, via de NOS, las was: dit is een grap, een publiciteitsstunt.

Maar toen uw directeur Judikje Kiers vrijdag op Radio 1 nog maar eens in alle ernst de beperkingen van de term ‘Gouden Eeuw’ toelichtte, begreep ik dat het u ernst was.

Tja.

Schaduwkanten worden al belicht

Zelfs al zouden we heel erg ons best doen om uw gedachtegang te volgen, dan nog is het doodsimpele argument tegen uw beslissing: sinds jaar en dag krijgen we al te horen over het wel én wee van die bijzondere periode in de vaderlandse geschiedenis. Al jaren worden de schaduwkanten van de voorspoed – uitbuiting, mensenhandel – van alle kanten belicht: óók in uw museum. Niets ‘eigen verhaal’: musea zijn juist leidraad voor een collectief bewustzijn. Vandaar dat het Rijksmuseum pijlsnel reageerde: niks mis met die term.

Alle media buitelden inmiddels over elkaar heen: de gekte voorbij, luidt het oordeel.

Ze hebben gelijk, net als de duizenden mensen die de moeite namen gisteren hun mening publiekelijk te delen.

Musea – juist ook uw museum – zijn al lang geen statische tentoonstellingsruimten meer. Ze initiëren via hun collecties discussie, roepen spanning op, stellen soms pijnlijke vragen over mens, maatschappij en historie.

Taalcensuur

Een museum dat taalcensuur wil plegen, dat meent dat het gebruik van eufemismen, van newspeak, als vanzelf de discussie oproept die wordt beoogd, verdient hoon en straf. Zie de discussie die ongetwijfeld zal aanhouden – en die bepaald niet gunstig zal uitpakken voor uw mooie museum.

U had dit kunnen weten.

U wist dit ook, dat weet ik zeker.

Blijft over als reden om dit bericht op deze wijze uit te doen: groteske overdrijving als aandachttrekker.

Ik reken erop dat u terugkomt op uw onzinnige besluit. We zijn in Nederland bevangen geraakt door collectieve schaamte over onze eigen geschiedenis: straatnamen, standbeelden, volksfeesten, tradities, ze staan allemaal in het verdomhoekje.

Laat deze weg-met-ons-mentaliteit niet ook nog eens onze historische kernbegrippen aantasten.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.