Roelof Bouwman

Hoe de VVD haar liberale veren verloor

10 december 2019

De VVD is de partij geworden van meer immigratie, meer Europa, afbouw van de hypotheekrenteaftrek, verlaging van de maximumsnelheid en een collectievelastendruk die hoger is dan ooit gemeten, schrijft Roelof Bouwman. Hoe kon het zover komen?

Politiek is, zoals bekend, geen wetenschap. Er bestaan in de politiek dan ook geen wetenschappelijke wetten. Gelukkig zijn er wel een paar tradities en gewoonten die houvast bieden. Daartoe behoort het gebruik dat partijleiders worden afgerekend op slechte verkiezingsresultaten.

Nijpels, Voorhoeve en Dijkstal sneuvelden na 27, 22 en 24 zetels

Roelof Bouwman is historicus en journalist. Hij schrijft wekelijks over politiek, geschiedenis en media.

Ook bij de VVD is dat in het verleden enkele malen gebeurd. Liberalen die al wat langer meedraaien, zullen zich de Tweede Kamerverkiezingen van 1986 herinneren. De VVD haalde toen 27 zetels. Negen zetels verlies – een dreun van jewelste. Het betekende het einde van het partijleiderschap van Ed Nijpels.

Drie jaar later, in 1989, was er bij Tweede Kamerverkiezingen een nog slechtere uitslag voor de VVD: 22 zetels. Korte tijd later werd de verantwoordelijke partijleider Joris Voorhoeve aan de kant geschoven.

Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2002 was Hans Dijkstal VVD-lijsttrekker. Hij kwam niet verder dan 24 zetels en legde het partijleiderschap direct neer.

Rutte haalde bij Statenverkiezingen slechtste VVD-uitslag sinds 1970

Het kan haast niet anders of Nijpels en Voorhoeve – Dijkstal is in 2010 overleden – kijken weleens met afgunst naar Mark Rutte. Bij de Provinciale Statenverkiezingen van 20 maart bleef de VVD onder zijn leiding steken op 13,99 procent van de stemmen. Het was de slechtste VVD-uitslag bij Statenverkiezingen sinds 1970. Toch deed niemand er moeilijk over.

Natuurlijk, dat Rutte zich electorale wanprestaties kan veroorloven, heeft een bijzondere context. Hij is – anders dan Nijpels, Voorhoeve en Dijkstal – minister-president. Bovendien zijn dankzij de versplintering van het politieke landschap ook slechte verkiezingsuitslagen tegenwoordig goed genoeg voor de VVD.

Wat als VVD straks ook in de Tweede Kamer niet meer de grootste is?

Maar de marges zijn smal. Zowel bij de Provinciale Statenverkiezingen als bij de verkiezingen voor het Europees Parlement is de VVD dit jaar onttroond als grootste partij, eerst door Forum voor Democratie, daarna door de PvdA. Wat als dat ook gebeurt bij de volgende Tweede Kamerverkiezingen?

Ook in de peilingen scoort de VVD buitengewoon slecht. Volgens Maurice de Hond is de partij goed voor nog slechts negentien zetels, evenveel als de PVV en de PvdA.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

Dat steeds minder kiezers vertrouwen hebben in de VVD, heeft een duidelijke oorzaak. Sinds het vertrek van Frits Bolkestein, in 1998, hebben de liberalen een reusachtig gat laten vallen op ‘rechts’. Pim Fortuyn en later Geert Wilders en Thierry Baudet hebben dat gat opgevuld.

Rutte heeft PVV en Forum voor Democratie de facto melaats verklaard

Lees ook deze column van Gerry van der List: Het machteloze gelijk van redelijk rechts

Erg genoeg, voor de VVD. Maar daar is het niet bij gebleven. De PVV en Forum zijn door Rutte de facto melaats verklaard. Politieke samenwerking, zowel op landelijk als op provinciaal en gemeentelijk niveau, wordt alleen nog gezocht met partijen links van de VVD.

Het gevolg laat zich raden: omdat ze geen alternatief achter de hand hebben, worden de liberalen in onderhandelingen ‘leeggetrokken’. Rutte is zo de premier geworden van meer immigratie, meer Europa, afbouw van de hypotheekrenteaftrek, verlaging van de maximumsnelheid en een collectievelastendruk die hoger is dan ooit gemeten: 38,4 procent van het bruto binnenlands product.

Lastendruk van 38,4 procent: Den Uyl zou zijn vingers erbij hebben afgelikt

Joop den Uyl zou er zijn vingers bij hebben afgelikt. Wilders en Baudet profiteren en hoeven daar nauwelijks iets voor te doen. In de laatste peiling van De Hond halen de PVV en Forum samen 37 zetels.

Inmiddels is Rutte meer dan dertien jaar partijleider en ruim negen jaar premier. Dat betekent dat over zijn opvolging moet worden nagedacht. Als de VVD de sleutels van het Torentje wil houden, is een kunststukje nodig.

Want behalve het gebruik dat partijleiders worden afgerekend op slechte verkiezingsresultaten, bestaat op het Binnenhof ook nog een andere politieke traditie: premiers worden zelden opgevolgd door premiers van dezelfde partij. De afgelopen vijftig jaar is dat slechts één keer gebeurd: toen Dries van Agt (CDA) in 1982 het stokje overgaf aan zijn partijgenoot Ruud Lubbers.

Beschikt de VVD over de benodigde vorm om die meestertruc te herhalen? De kroonprinsen van Rutte doen er goed aan voorlopig nergens op te rekenen – ook als ze geen Klaas Dijkhoff heten.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.