De toekomst van de houtkachel ligt onder vuur

Het milieu is voor iedereen van groot belang, wat inhoudt dat er met zorg mee om moet worden gegaan. Op dit moment is er een negatieve tendens rondom houtkachels.

In verschillende woonwijken in Nederland heeft men lokaal overlast door houtkachels die gestookt worden door buurtbewoners. Uiteraard geldt dit niet voor eenieder met een houtkachel. Het heeft er echter wel toe geleid dat er meer meldingen van overlast ontvangen zijn bij de gemeente. Aangezien dit serieus opgepakt dient te worden, gaat er na jaren van speculaties nu toch echt een nieuwe wetgeving aan komen voor houtkachels. Deze nieuwe wetgeving heeft als doelstelling dat de overlast wordt verminderd en de luchtkwaliteit wordt verbeterd.

Eeuwenoud gebruik

Sinds jaar en dag wordt vuur gebruikt om onszelf en huizen mee te verwarmen. In Nederland is dit niet anders geweest, want in de jaren dertig is een groot gedeelte van de huizen voorzien van een open haard. De open haarden waren toentertijd goedkoop, omdat de prijs van steen relatief laag was en een ouderwetse open haard bijna volledig daaruit bestond. Tevens was het tijdens de bouw van het huis een kleine moeite om met wat extra stenen een kanaal te maken om de rook af te voeren. Ook was het verkrijgen van hout erg gemakkelijk, waardoor men ‘gratis’ kon stoken.

Goed vertegenwoordigd in Nederland

In Nederland heeft op dit moment ongeveer 20 procent van de huishoudens een houtgestookte installatie (combinatie van houtkachel en open haard), wat er in totaal zo’n anderhalf miljoen zijn. Dat is een hoog percentage, wat betekent dat hier veel waarde aan wordt gehecht en dat sommige huizen hier wellicht voor verwarming (gedeeltelijk) afhankelijk van zijn. In de loop der jaren heeft de technologie binnen de kachel- en haardenbranche niet stil gestaan, waardoor de verbranding van het hout en het warmterendement behoorlijk zijn verbeterd. Ditzelfde geldt voor de luchtkwaliteit, want de uitstoot van fijnstof is met ruim 60 procent gedaald tussen 1990 en 2017. Waar het warmterendement van een open haard rond de 20 procent ligt, behalen de meeste houtkachels op dit moment 80 procent. Dit houdt in dat huizen tegenwoordig veel beter verwarmd worden door een houtkachel en dat daarvoor minder hout nodig is dan voorheen.

De schaduwzijde van de houtkachel

Ondanks alle verbeteringen die doorgevoerd zijn, kleven er ook nadelen aan het gebruik van een houtkachel. Waar het voor de stoker vele voordelen heeft, kan het voor anderen nadelen hebben. De laatste jaren komt dit steeds vaker aan het licht, doordat er vaker over gepraat wordt en het ook een politiek onderwerp is geworden. Hierbij gaat het voornamelijk over de impact op het milieu en de overlast in de naaste omgeving in de vorm van geur en/of de uitstoot van fijnstof. Het zorgt er onder andere voor dat de klachten van COPD-patiënten heftiger worden en zij moeite kunnen krijgen met hun ademhaling.

EcoDesign 2022

Om de luchtkwaliteit te verbeteren en het milieu te sparen is er door de Europese Unie ingestemd met EcoDesign 2022: een wet waarin vastgesteld is wat de regels zijn voor een houtkachel. Door deze wet worden alleen geteste en goedgekeurde modellen toegestaan die bijdragen aan een betere luchtkwaliteit, waardoor het imago van een houtkachel wordt verbeterd. De wetgeving zal in heel Europa vanaf 2022 actief worden, echter wil Nederland hier sneller op inspelen en daarom heeft de overheid besloten om de wet per 1 januari 2020 in te laten gaan. De twee belangrijkste aspecten van deze wet zijn dat de houtkachel een rendement dient te hebben van minimaal 75 procent en dat de uitstoot van fijnstof maximaal 40 milligram mag zijn per uitgestoten kubieke meter aan lucht. Wanneer gekozen wordt voor een houtkachel van bekende merken, kan men ervan uitgaan dat deze voldoen aan de nieuwe wetgeving.

Hoe nu verder?

Feit is dat iedereen die vanaf 2020 een nieuwe houtkachel koopt bij een gerenommeerde aanbieder, deze kwalitatief goed zal zijn en zal voldoen aan de nieuwe wet. Vervolgens gaat het erom hoe de houtkachel gebruikt gaat worden, want het uiteindelijke doel is om de verbranding zo schoon mogelijk te laten zijn. Hierdoor zal het hoogst haalbare rendement gerealiseerd kunnen worden en zal de uitstoot zo laag mogelijk blijven. Dit alles begint bij het in huis halen van droog haardhout, wat betekent dat het maximaal 20% vocht bevat.  Tevens dient het haardhout geschikt te zijn voor het type houtkachel waarin gestookt wordt. Een kleinere houtkachel vraagt om minder grote blokken en zachter hout (zoals elzen- of berkenhout), terwijl essen-, eiken, of beukenhout prima te gebruiken zijn in een groter model.

Het haardhout kan het beste aangestoken worden door middel van de Zwitserse stookmethode. Hierbij wordt het haardhout kruislings op de stookbodem gelegd, daarbovenop wordt ook het aanmaakhout op dezelfde wijze geplaatst en daartussen worden de aanmaakblokjes gelegd. Dit klinkt onlogisch, want het vuur begint nu bovenin de brandkamer van de houtkachel. Echter zorgt dit ervoor dat de brandkamer warm wordt en daardoor minder moeite heeft om de blokken haardhout te ontbranden.

In het begin is het noodzakelijk om de brandkamer van zoveel mogelijk zuurstof te voorzien, zodat er genoeg toevoer is om het vuur brandende te houden. Een veelgemaakte fout is dat de luchttoevoer na verloop van tijd te snel wordt dichtgezet, omdat men het idee heeft dat het hout te snel brandt. Echter zorgt dit voor een onvolledige verbranding waardoor er meer roet ontstaat en tevens meer fijnstof wordt uitgestoten.

Heb jij nou brandende vragen over dit onderwerp of wil je specifiek weten hoe je in jouw situatie hiermee aan de slag kan gaan? Stuur je vragen op naar [email protected]. Wij laten je weten hoe jij op een verantwoorde manier toch kunt genieten van je (nieuwe) houtkachel.

Dit is een partnerpagina. De redactie van Elsevier Weekblad is niet verantwoordelijk voor de inhoud.