politiek

PvdA’ers de straat op en andere ‘goede voornemens’ van Spekman

Door Elif Isitman - 13 november 2014

De PvdA’er moet verplicht de straat op. Het is het zoveelste goede voornemen van de partij sinds de aanstelling van partijvoorzitter Hans Spekman begin 2012.

PvdA-politici moeten verplicht een kwart van hun werktijd besteden aan contact met het ‘volk’. Het is een voorstel waarmee het partijbestuur van de PvdA komt naar aanleiding van het rapport ‘Politiek van Waarde’ dat donderdagmiddag door de partij werd gepresenteerd. Het is een poging om de PvdA te hervormen tot een partij die meer in contact staat met de burger in plaats van een puur bestuurlijke ‘volkspartij zonder volk’.

Identiteit

Spekman begon na zijn aanstelling een zoektocht naar de eigen identiteit van de partij: sindsdien laat hij zich leiden door ‘een door waarden gedreven politiek’. Hij wil een socialere partij maar is niet bereid om in te leveren op de samenwerking met de andere regeringspartij VVD.

Na de nederlaag voor de PvdA bij de gemeenteraadsverkiezingen in afgelopen maart zei Spekman al de ‘onzekerheid’ bij de kiezer over de PvdA te willen weghalen. De PvdA verloor toen een flink aantal zetels in de gemeenteraden en raakte grote bolwerken als Amsterdam en Groningen kwijt aan D66. Sinds zijn aanstelling begin 2012 heeft hij verschillende pogingen ondernomen om de identiteit van de partij helder te krijgen en het bestaansrecht van de partij te bewijzen.

Een overzicht van de ‘door waarden gedreven’ plannen van Spekman:

Integriteitscommissie

In december van vorig jaar kondigde de partijvoorzitter aan een integriteitscommissie op te willen zetten voor de PvdA. Dit gebeurde naar aanleiding van een aantal affaires waarin de integriteit van PvdA-partijleden in twijfel werd getrokken. Een prominent voorbeeld hiervan is het aftreden van voormalig staatssecretaris van Economische Zaken Co Verdaas vanwege onduidelijkheid over zijn declaraties als provinciebestuurder in Gelderland.

De commissie zou verantwoordelijk zijn voor het adviseren van het partijbestuur wanneer leden de interne regels schenden.

In diezelfde periode scherpte Spekman ook de erecode van de PvdA aan. Politieke vertegenwoordigers van de PvdA moeten de code tekenen voordat zij aan hun functie beginnen.

Training

Twee maanden daarvoor sprak Spekman zich uit over de slechte voorbereiding van PvdA-Kamerleden in spe. Hij pleitte toen voor een betere training van Kamerleden voordat ze de kamer in komen omdat zij niet voorbereid zouden zijn op ‘de harde werkelijkheid van de Kamer’.

Zijn pleidooi kwam naar aanleiding van het gedesillusioneerde vertrek van PvdA’ers Désirée Bonis en Myrthe Hilkens. Het vertrek van Hilkens leidde tot geruchten over rommelingen binnen de PvdA-fractie: er zouden Kamerleden zijn die ontevreden zouden zijn over de compromissen met de VVD.

Socialere koers

Een maand na zijn aanstelling kwam Spekman met de resolutie ‘Wat van Waarde is’, waarin hij een socialere koers op economisch gebied bepleitte. De resolutie rekent af met individualisme en richt zich op saamhorigheid, vooral in economische zin. Daarmee leek de PvdA zich enigszins van regeringspartner VVD af te keren. Spekman benadrukte echter dat het geen gevolgen moest hebben voor de samenwerking met VVD. Ook dit stuk was gericht op de identiteit van de partij en de formulering van een duidelijke koers.

Voor zijn aanstelling zat Spekman sinds 2006 in de Tweede Kamer voor de PvdA. Hij hield zich daar vooral bezig met sociale zaken en asielbeleid. Daarvoor was hij wethouder en gemeenteraadslid in Utrecht.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.