Marcel Duyvestijn

Het gebroken geweertje tegen een cyberoorlog

Door Marcel Duyvestijn - 02 april 2013

Mijn oma – kind uit de Eerste Wereldoorlog – was van het ‘gebroken geweertje’. Nooit meer oorlog. Met dat speldje liep ze om de Meiboom, terwijl ze zong over verworpenen der aarde die moesten ontwaken. Soms pakt ze wel eens mijn hand en zegt ze zacht: hadden ze die geweren maar uitgebannen. Als ik zeg dat dat gedeeltelijk al is gebeurd, kijkt ze me waterig aan.

Ik ben een kind uit de Koude Oorlog. Wij speelden schuilkeldertje. Als wij onze boterham met pindakaas onder de tafel aten, relativeerde mijn moeder: ‘Met een druk op de knop is het afgelopen.’ Die knop zag ik altijd levendig voor me. Een rode knop. Daaronder stond in een sierlijk handschrift geschreven: ‘Kernbom’. De vinger die er op lag, was de vinger van Brezjnev.

Wereldvrede

De oorlog luwde en de knop leek te verdwijnen. Nu ging het wereldvrede worden. Alle menschen werden brüder. Bij de val van de Muur was ik oud genoeg om te huilen. Heerlijke romantiek van hamers die op een betonnen muur werden stukgeslagen. Oost en west die elkaar in de armen vielen. Liefde. Vrede. Met diezelfde hamer werd feitelijk ook ‘die knop’ aan diggelen geslagen. Dacht ik.

In de Irakoorlog was hij namelijk weer aanwezig. De eerste oorlog die live op de televisie te volgen was. Groene, korrelige beelden kwamen onze huiskamer in, terwijl wij daar – met natte, gekamde haartjes – op de bank zaten te juichen voor de Amerikanen. Krakend hoorden we het lachen van een geallieerde piloot: bullseye.

Justin Bieber boven je bed

Dat had nog iets met de werkelijkheid te maken. Hoe anders is dat nu. In Afghanistan en Pakistan worden vermeende terroristen met drones beschoten. De schutter zit mijlenver van de plek des onheils af. Het zal niet lang meer duren of de soldaat zit met zijn joystick thuis in zijn jongenskamer, onder een poster van Justin Bieber ‘oorlogje’ te spelen.

Maar het wordt nog minder fysiek met cyberaanvallen. De Amerikanen saboteerden met een virus het Iraanse kernwapenprogramma. Hoewel deze digitale oorlogsvoering succesvol was, vreest Obama de boemerang terug te krijgen. Inlichtingendiensten vrezen aanvallen op Amerikaanse bedrijven, die de economie van het vrije Westen zal lamleggen. Minister van Defensie Leon Panetta waarschuwt al voor een ‘cyber-Pearl Harbour’.

Pacifisme

Mijn oma is inmiddels 97. Van cyberoorlogen snapt ze weinig. Maar dat geldt voor de meesten van ons. Dat verwart. En in tijden van verwarring speelt mijn pacifisme weer op.

Ik zit dit te schrijven in een bloemetjesbroek en ik laat John Lennons Imagine herleven. Make love, not war. Misschien moet ik naast het gebroken geweertje een gebroken joystick opspelden. Play games, not war. Aangezien elke oorlog zinloos is.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.