Eric Vrijsen

‘Rutte moet onverschrokken zijn, voordat voorzichtigheid omslaat in bangigheid’

Door Eric Vrijsen - 26 juli 2014

Nadat crash-detectives uit Maleisië en Australië al dagenlang sporenonderzoek deden op de plek des onheils, komen daar vandaag ook hun Nederlandse collega’s aan. Waarom moest dit zolang duren? Nederland is met 194 doden het zwaarst getroffen bij de ramp met de MH17 en zou dus het meest onverschrokken moeten zijn.

Intussen struinen journalisten al een week rond op de rampplek zonder dat de lokale krijgsheren hen veel in de weg leggen.

Het is terecht dat Den Haag zorgvuldig weegt welke risico’s de onderzoekers lopen. Maar Nederland leidt het internationale onderzoek. Dat veronderstelt in alle opzichten een voortrekkersrol.

Diplomatieke circuits

VVD-premier Mark Rutte benadrukt echter dat ‘we heel zorgvuldig coalities moeten bouwen’. Vannacht arriveerden 40 marechaussees in Oekraïne voor hand- en spandiensten. Ze dragen geen wapens en zelfs geen uniform, want dat zou boze reacties kunnen uitlokken.

Het kabinet worstelt zich nu door de diplomatieke circuits om een bewapende militaire eenheid te kunnen afvaardigen, die zonodig de ‘force protection’ uitvoert.

Verantwoordelijken

Het duurt allemaal zo lang dat de vraag opkomt of het nog wel zin heeft. Mochten er nog brokstukken van die Russische Grizzly-raket te vinden zijn, dan hebben de rebellen de serienummers er inmiddels wel van af gevijld. Aan de andere kant, de moderne forensische specialisten staan voor niets. Met verfresten, kruitresten en metaalsporen kunnen zij de herkomst van de raket vaststellen.

In combinatie met satellietgegevens en elektronische data kan wellicht toch nog worden uitgevogeld van welk lanceerplatform het kreng afkomstig was. Dan krijgen de direct en indirect verantwoordelijken naam en gezicht, zodat ze hun terechte straf kunnen ondergaan.

Hoe langer het duurt, hoe moeilijker het wordt. En als er straks geen schuldigen worden aangewezen, komen de Nederlandse aarzelingen in een ander licht te staan. Dan is het niet voorzichtigheid, maar bangigheid.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.