Carla Joosten

Het gekerm van Fleur, Renske en Mona versus de rust van Van Rijn

Door Carla Joosten - 31 december 2014

Als toeschouwer bij een Kamerdebat krijg je buikpijn van de brede armgebaren en de hoge toon. Waarom toch die doorzichtige patroontjes?

Ook op het Binnenhof klinkt de taal van de straat, maar als een medewerker van een christelijke partij rept van ‘piswijven’, kijk je toch wel even op. Hij doelt op de Kamerleden Fleur Agema (PVV), Renske Leijten (SP) en Mona Keijzer (CDA).

Het drietal vormt een blok tegenover staatssecretaris van Volksgezondheid en Welzijn, Martin van Rijn (PvdA), verantwoordelijk voor de overheveling van de zorg van Rijk naar gemeenten.

Duizenden kwetsbare Nederlanders dreigen die zorg te verliezen, als je de dames moet geloven. Ze ‘vallen tussen wal en schip’, luidt het cliché. De hoge toon en brede armgebaren van vooral Leijten en Agema contrasteren met de rust en het geduld van Martin van Rijn.

Als waarnemer krijg je buikpijn van het gekerm, maar hij blijft onbewogen. En dan die doorzichtige patroontjes. Eerst altijd die ‘vergeten groep slachtoffers’ in Nieuwsuur, dan altijd die verontwaardigde politici van de oppositie. De tv-reportages bewijzen dat het kabinet fout bezig is, menen de Kamerleden.

Meld-het-Mona

Maar ­onbedoeld tonen ze juist hoe voortreffelijk de zorg hier is. Moeders van gehandicapte kinderen die zich met overheidssteun over hun kind ­ontfermen, vervoer en dag­opvang voor kwetsbaren, zieken die zelfs ’s nachts thuiszorg krijgen en dementen die een ‘casemanager’ blijken te hebben. Wat een weelde.

Maar Van Rijn wordt op hoge toon ontboden omdat… de gemeenten even niet op schema liggen. ‘Cliënten weten niet waar ze aan toe zijn, maar nee de staatssecretaris zegt dat het is geregeld,’ schreeuwt Agema dan. Keijzer – meld-het-Mona – betreedt het katheder en eist een Kamerdebat terwijl dat al lang is geagendeerd.

Wat wel een – rustig – Kamerdebat waard zou zijn, is de vraag waarom de overheid de poetshulp überhaupt moet vergoeden. Maar ja, daar win je geen zieltjes mee.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.