politiek

‘Spookstemmen en andere fouten kunnen zo een zetel schelen’

Door Anna Vossers - 26 maart 2014

Het verschil tussen het aantal getelde stembiljetten en het aantal getelde kiezers is in sommige steden zo groot, dat dit effect kan hebben op de einduitslag van de gemeenteraadsverkiezingen. De uitslag kan voor een voorkeurskandidaat of restzetel net anders uitvallen.

‘Er zijn gevallen waarbij een handjevol stemmen bepalend is geweest voor een restzetel of een voorkeurstem. Dan zijn deze afwijkende aantallen echt te hoog,’ stelt politicoloog Marcel Wissenburg in het Algemeen Dagblad.

Amsterdam

Voor het eerst moesten gemeenten gegevens over afwijkingen centraal melden. Vooral in Amsterdam en Rotterdam zijn veel fouten gemaakt met het uitreiken van stembiljetten en het afstrepen van kiezers, blijkt uit een analyse van het Algemeen Dagblad.

In de hoofdstad werden 2.478 fouten gemaakt: de stembureaus waar te veel kiesbiljetten waren uitgedeeld, zorgden voor een teveel van 658 stemmen. De stembureaus waar er te weinig waren uitgedeeld, zorgden voor een tekort van 1.820 stemmen.

Ter vergelijking: er zijn 1.765 voorkeurstemmen nodig om in Amsterdam in de gemeenteraad te komen. Voor een restzetel zijn minder stemmen voldoende.

Andere grote steden

In Rotterdam werden 1.666 onregelmatigheden geconstateerd: 459 stembiljetten te veel in sommige bureaus, en 1.207 minder biljetten dan kiezers in andere bureaus. In Rotterdam zijn 1.201 stemmen voldoende voor een zetel.

Ook in Den Haag (552 afwijkingen), Utrecht (109 afwijkingen), Groningen (53 afwijkingen) en Tilburg (43 afwijkingen) zijn fouten gemaakt.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.