John de Greef

Een schitterend ongeluk bij Dries Van Noten

Door John de Greef - 18 januari 2013

Juist Dries Van Noten, de ontwerper die met veel gevoel voor de realiteit altijd traditionele vormen en klassieke bronnen eert, was de ontwerper die de meest diverse stijlen spannend liet botsen. Zo fraai, dat hij de winnaar is van de eerste twee dagen van de mannenmodeshows in Parijs voor winter 2013/2014.

Stoere motormacho in bespijkerd zwart leer, kamergeleerde in paisley-ochtendjas, zilversmid met glitterstenen, poëtisch mohairtrui-drager, hippie in tuniek en deftige heer in keurige tweed of in pyjama knalden door toedoen van Van Noten zo hard tegen elkaar dat ze eindigden in een bizar mooie mengeling van diverse stijlen.

Afwijkend

Parijs is, meer dan Milaan, de prikkelende modestad van de ideeën en de fantasie.

Vaak zijn de ontwerpen er afwijkend en minder gericht op dagelijkse draagbaarheid – en daardoor veel gevarieerder. Al zijn de modenamen merendeels behoorlijk gevestigd. Het beeld van de modeman in Parijs heeft en houdt iets jeugdigs. De leeftijd van de ontwerpers ligt er ook minstens een generatie of twee lager dan in Milaan.

Bowie-alert

Walter Van Beirendonck draait al sinds de jaren tachtig mee in het modecircuit. Hij houdt een wonderbaarlijke frisheid in de wijze waarop hij mannen kleedt.

Ditmaal iets minder excentriek, hoewel hij altijd op zoek blijft naar de grillige geest met lef die dat ook aan zijn buitenzijde durft te tonen. Althans, de jonge David Bowie, diep in mij, veerde op bij de Van Beirendonck-show. (Zit die Bowie niet in iedere man? Of anders een eeuwig jonge Mick Jagger? Of moet u het doen met een interne Marco Bakker of Borsato?)

Het Bowie-alert kwam door de glitter-zigzagmotieven op mantels, de speelse poppetjes op de voorkant van keurige Britse ruitjasjes en de hoge hak onder de glamourrockschoenen en glittersokken. Plus hoogst artistieke en vreemde sieraden als satellieten rond het oor of als een ‘voorzetmondje’.

Zwarte band

De Italiaan Valentino was als mannenmode-ontwerper beslist minder op zijn gemak dan op het modeterrein van de elegante vrouw. Het duo dat nu onder zijn beroemde naam ontwerpt, is in beide regio’s zeer thuis.

Met veel echt slanke pakken, deels in Britse prince-de-galles-ruiten, met klassieke Sherlock Holmes-capes en perfecte mantels in een mix van luxe materialen (bont én gabardine, dé trenchcoat-stof).

Alles extreem jeugdig slank of juist extra ruim. Over tal van kleren was een dikke dwarse balk van zwart leerachtig materiaal getrokken. Fraai dwars en een zwarte band waardig. Terecht dat Valentino Parijs als locatie kiest met zo’n jonge en modieuze collectie.

Scherpe puntboorden

Raf Simons, de meest gevierde internationale designer van dit moment en tevens het creatieve talent achter de Dior-vrouwenmode, zette een textiele dwarsbalk over zijn jasjes. Alsof de spiegel (dat stuk tussen uw revers heet zo) tot een eenrichtingsweg was verklaard, met fel gekleurde shirts waarvan de manchetten en de scherpe puntboorden steeds tevoorschijn piepten onder andere kleren en met veel afwisselende tinten wist hij de collectie extra levendig te maken. Zo ook met truien en spencers vol poppetjes, figuurtjes en skinheadkopjes.

Gaan bijna alle ontwerpers voor slanke, te korte broeken, zodat sokken en enkellaarzen goed zichtbaar zijn, en draagt een deel van het modepubliek in Parijs ondanks de ijzige kou zelfs blote kuiten, Raf maakte zijn broeken liever ruimer en vloerlang.

Naast die broeken waren de jassen de begeerlijke stukken uit de collectie, met een wijder uitlopend model onder smallere raglanschouders.

Mantelspecialist

Bij Issey Miyake leken de parka’s en bolle jassen in goud, zilver en brons gemaakt van EHBO-nooddekens in wegwerpfolie. Aardig, maar weinig beklijvend. Wie een winterjas bij ‘mantelspecialist’ Rick Owens koopt, heeft een geweldig solide stuk voor enkele seizoenen.

Daar was de Rick Owens-show één grote getuigenis van. Denk de vlammende haardossen of geschoren hoofden, de kielen met col, de (s)malle broekjes en de bontlaarzen met rubberen blokjes als profiel weg.

En je houdt mantels over. In wol, bont, stugge dubbele stoffen of in een luxe mix van materialen. Uitsluitend in duister (zwart) of in licht (roomwit), kloek van vorm, zonder afleidende details, maar effectief sober en rijk tegelijk. En zo modern!

Hoog berg-niveau

Traditioneel, uitermate luxe en aantrekkelijk opgepimpt met inspiratie uit het geïsoleerde Boethan en bergklimsport (sneeuwluipaard- en kleurige folklore-motieven) en opgesierd met werk van de kunstenaarbroers Chapman.

De wintermodepresentatie van Louis Vuitton was een sophisticated lexicon van alle mogelijke jassen. Van poncho in dekenstof tot gedessineerde kamerjas, van mantels in geschoren bever tot dikke parka’s met giga-bontkraag.

22 brillen

Viktor & Rolf toonden veel dassen. Als onderdeel van slanke pakken, combinaties met parka’s en winterjassen. Alles in veel zwart-wit plus bruin, soms in grafisch tweed-dessin of in een grappig dessin van sneakers, buitelende mannetjes of brilmonturen.

Alles aardig of goed, maar echt spannend of opmerkelijk wilde het niet worden. De finale toonde twintig man met zwarte bril. Samen met de bebrilde ontwerpers waren dat 22 brillen.

Gaultier op de wallen

Voor de opening van zijn expo in de Kunsthal komt Jean Paul Gaultier begin februari naar Rotterdam. Hij had voor zijn show gekeken naar de Amsterdamse Wallen.

Zes spiegelende cabines met rossig neonlicht en hier en daar een kruk vormde Gaultiers red light district. Helaas zo geplaatst dat bijna niemand de modeljongens, voorzichtig strippend (tot aan hun degelijke hansop), goed kon zien.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.