John de Greef

Constance Wibaut excelleerde met modeverslaggeving in Elsevier

Door John de Greef - 05 februari 2014

In de nieuwe Elsevier (deze week in de bus, op de mat of in de kiosk) nemen we afscheid van de vorige week op bijna 94–jarige leeftijd overleden Constance Wibaut. Zij volgde voor Elsevier de hoogtijdagen van de haute couture.

Een modeverslaggever par excellence. Met prettige teksten. Maar vooral met prachtige tekeningen. En met visie.

Kordaat en charmant was Constance Wibaut. Een prettige en geestige gesprekspartner. Als getalenteerd beeldhouwer bijzonder actief tot op hoge leeftijd en dat zorgde er voor dat ze ook als negentigjarige midden in het leven stond.

Constance was ook altijd graag bereid om rond ‘flessentijd’ (eind van de middag als er wijn gedronken kon worden) herinneringen op te halen aan de jaren dat zij dé moderedacteur van Elsevier was. Zonder overdreven of valse nostalgie.

Beeldige tekeningen

Het was vooral het harde werken en de vaak lastige omstandigheden die ze memoreerde. Met hoed op en chique mantel aan naar de overvolle Parijse salons. Voor de exclusieve couture-shows om de nieuwe lijn in de mode te ontdekken.

‘Soms zat een heup hier, dan zat ie weer daar’. En naast Parijs ook steeds op reis naar de andere internationale modesteden. In een tijd dat vervoer over de grenzen en ver-van-huis-zijn van een geheel andere orde waren dan nu.

Tekenwerk

In de jaren vijftig en zestig leverde Constance Wibaut talloze modeverslagen voor Elseviers Weekblad en Elseviers Magazine, de voorlopers van het huidige Elsevier. Met adequate, soms zelfs prettig relativerende teksten, maar vooral met ongelofelijk knappe illustraties. Tekenwerk waar velen nu nog van onder de indruk zijn en waren. Zoals couturier Frank Govers Hij haastte zich in de jaren vijftig naar de kiosk om ‘die beeldige tekeningen van Constance Wibaut’ zo snel mogelijk te zien.

En met dat ‘beeldige’ zat  Govers (1932 – 1997) heel goed. Constance, opgeleid tot beeldhouwwerker (het vak dat ze na haar mode-periode weer hervatte) wist voortreffelijk de mode te verbeelden. Mensen, zeker werkzaam in de mode of confectie, konden haar illustraties zo goed ‘lezen’, dat ze er houvast aan hadden bij het begrijpen van de aanstaande modelijn en bij het ontwikkelen van collecties.

Niet voor niets stond de goed geïnformeerde mevrouw Wibaut aan de wieg van het Dames Modeinstituut, een voorloper van het later Nederlands Mode Instituut, waar het maken van modeprognoses een belangrijke service werd.

Internationale visie

Aangenaam was het om te horen hoe zij werkte. Bijvoorbeeld hoe ze na de shows zo spoedig mogelijk weer terugkeerde naar de modesalons om de nieuwe kleren op een mannequin (die erin poseerde tegen betaling) snel te schetsen. Schetsen die ze later (tot diep in de nacht) op de hotelkamer uitwerkte tot pracht composities.

Maar vooral haar internationale oriëntatie was zo interessant. In plaats van te veel tijd te verdoen met onze nationale poldercouture (mijn woorden, maar ik denk dat Constance ze ook had kunnen gebruiken) volgde zij, naast de belangrijkste ontwerpers in Parijs, ook de opkomst van Italiaanse modehuizen. Plus de nieuwste verrichtingen in de toen voorzichtig startend, uiteindelijk  revolutionaire mannenmode.

Constance Wibaut had een meer dan scherpe kijk op de werkelijke wereld van de mode en modevormgeving. Een visie waarmee ze een pracht fundament voor de modeverslaggeving in Elsevier legde. Dus: dank Constance voor je harde, maar vooral goede arbeid!

Volg John de Greef op Twitter

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.