John de Greef

Londen wint terrein op oude mannenmodestad Florence

Door John de Greef - 18 juni 2014

John de Greef was in Londen voor de opening van het mannenmodeseizoen. Hij constateerde dat de Engelse hoofdstad terrein wint op de klassieke Italiaanse modesteden.

Jeremy Hackett, Moschino, Burberry Prorsum en Tom Ford: het zijn niet de minste designnamen. En ze kozen, evenals andere ontwerpers, Londen om hun nieuwste mannenmodecollecties te tonen.

Concurrent

Deze week begon het mannenmodeseizoen zomer 2015 met presentaties in Londen. Een stad die met LCM (London Collections Men) in opmerkelijk korte tijd een concurrerende positie heeft verworven naast de traditionele mannenmodesteden Florence en Milaan.

Samen met Milaan, waar zaterdag 21 juni de mannenmodeshows beginnen, is de Engelse hoofdstad het toevluchtsoord geworden voor tal van gerenommeerde mannenmodemerken die Florence en de belangrijke mannenmodebeurs Pitti Uomo aldaar de rug toekeerden.

Verlaten

Voor veel inkopers blijft het fraaie, historische Florence de plek om rond te kijken, maar de internationale modepers slaat de ooit vooraanstaande Pitti Uomo-beurs steeds vaker over ten faveure van Londen. Ook al doet de Pitti-organisatie zijn best om met een extra culturele programmering en een grootse show – ditmaal de jongere Z Zegna-lijn – de beurs interessanter te maken.

Pakkenmakers en lifestyle-labels als Canali, Pal Zileri en Ermenegildo Zegna, maar ook de prestigieuze schoenmaker Santoni tonen hun collecties de afgelopen jaren in Milaan en hebben de Florentijnse Pitti voorgoed verlaten.

Opdoffen

De Britse mannenmodeontwerper Jeremy Hackett heeft na jaren op een mooie locatie op de Pitti-beurs, definitief voor Londen gekozen. En geeft nu modeshows tijdens de LCM. Hij vond dat zijn aanwezigheid in Florence wel erg kostbaar werd en dat een show in Londen hem veel meer oplevert aan publiciteit.

Much more visibility!’ zei Hackett tevreden na afloop van de vrij korte show, die hem wereldwijd zichtbaarder moet maken. Een presentatie die hijzelf geen echte modeshow noemt.

Hij vindt het een demonstratie van hoe Engelsen zich opdoffen voor sportieve gelegenheden. Van roeiwedstrijd tot paardenraces: Engelsen trekken er volgens Hackett graag hun speciale kleren voor uit de kast. Tevens de reden waarom hij graag typisch Engelse sportevenementen sponsort.

Krimpende broek, groeiende tas

De Hackett-show, met een decor geïnspireerd op polo, bleek voor het publiek ook een goede gelegenheid om zich te verkleden. Afgezien van de talrijke baarden, vielen vooral de vele krappe, korte jasjes op bij de mannen.

Zij leggen het accent op de buik (als die er is) en op billen, die zich samen met dijen en kuiten duidelijk aftekenen in ultranauwe broeken. Broeken die de enkels vaak bloot laten. Een dandy stijl, maar beslist aangenaam verzorgd.

Het beeld dat Hackett presenteerde op de kunstgrascatwalk was eveneens slank, verzorgd klassiek, maar zonder overdrijving of aandachttrekkende details. Een stijlvolle nonchalance domineerde.

Kinderlijke preppy-elementen waren ditmaal geheel afwezig. Zelfs safari-jasjes – of waren het polojasjes? – toonden zich sophisticated simpel, maar stijlvol en volwassen.

Andermans merkbeeld

Wat Hackett betreft zijn extra slanke, katoenen kleurbroeken (paars, groen en oranje) nog niet over hun hoogtepunt. Dat geldt ook voor de aandacht voor giga-tassen, aan de hand gedragen. Die tassen lijken steeds groter te worden naarmate de broeken krimpen.

Deed de nieuwe Moschino-ontwerper Jeremy Scott er wel verstandig aan om Milaan te verwisselen voor Londen? Overmatig enthousiast werd zijn Moschino-mannenmode daar niet echt ontvangen. Terwijl zijn Moschino-vrouwencollectie in Milaan direct vele fans opleverde, begin dit jaar.

Misschien was zijn keuze om allerlei beeld- en andere kenmerken van concurrerende luxemerken als Hermès en Louis Vuitton en enkele dollartekens te verwerken tot opvallende versieringen, te voor de hand liggend.

Eind jaren tachtig en begin jaren negentig, toen Franco Moschino met dergelijke humoristische modekritiek kwam, was dat wel relevant, actueel en geslaagd.

Ook zwarte netstof(mesh) uit de sportwereld in combinatie met Chanel- en sm-elementen leverde geen nieuwe kijk op kleren op. Scott is beter als hij jeugd-, skate- en popcultuur verfrissend vermengt, zo bewees hij met verknipte limonadereclame.

Gevoelig optimisme

Voor de Burberry Prorsum-show was een grote, deels transparante tent neergezet in Kensington Gardens. De zon maakte de opvallend getinte kleren gedragen onder felgekleurde hoeden (model schapenherder) en boven veelkleurige sneakers extra aantrekkelijk.

De collectie straalde een nonchalance uit, zonder shabby te worden. De modellen deden in hun koele geel-groen-blauwe en bruin-rossige tinten op Van Gogh-op-zijn-vrolijkst-en-netst lijken.

Het interessante palet aan vele tinten versterkte die associatie. Maar officieel had Burberry’s ontwerper Christopher Bailey zich laten inspireren door de Wanderlust van schrijver Bruce Chatwin. Tja, je moet het maar zien.

De vele unikleurige outfits die zowel sportieve als traditionele elementen bevatten, werden getoond op gevoelige live pianomuziek en zang van Benjamin Clementine.

Opvallende, uitvergrote kalligrafische dessins op tassen en een enkel kledingstuk maakten de sfeer nog optimistischer en sfeervoller.

Ratelende Ford

In, naar eigen zeggen, nog geen vier minuten praatte Tom Ford de snelle opkomst en afgang (met een enkel klapje op de bil) van zo’n dertig modellen aan elkaar voor een select gezelschap.

Erbij zijn was niet zo heel exclusief, want Tom Ford herhaalde zichzelf een paar keer per uur de gehele dag door in zijn luxe, ruime showroom in Londen, waar elke deur werd bemand door een knappe jongen in donker pak.

Charmant ratelde Ford dat het zomer 2015 vooral om sexy, maar mannelijke weekendkleren ging met een western-touch, geïnspireerd door zijn thuis in New Mexico. Met veel jeans in drie specifieke modellen die alle mannen een sensuele onderste helft moesten geven.

Amerikaanse jeans welteverstaan, want dat zijn de beste, aldus Ford. De rest van de collectie was allemaal Made in Italy.

De uitgebreide collectie oogde vertrouwd klassiek stoer en was opvallend duister gekleurd, maar vooral luxe en zeker dagelijks draagbaar voor wie zich de prijs kan permitteren.

Volg John de Greef op Twitter

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.