tech

Vanaf nu heeft iedere EU-burger het recht om ‘vergeten te worden’

Door Tomasz Blom - 13 mei 2014

Internetgebruikers hebben het recht om privacygevoelige informatie bij zoekmachines te laten verwijderen. Ze moeten hiervoor contact opnemen met de eigenaar van de zoekmachine zelf.

Dat heeft het Europees Hof van Justitie dinsdag besloten.

Waar ging het om?

De zaak was aangespannen door een Spaanse man. Via zoekgigant Google was een krantenartikel te vinden uit 1998, waarin de gedwongen verkoop van bezittingen van de Spanjaard werd aangekondigd.

Omdat de man vond dat de informatie zijn relevantie intussen had verloren – en daarom enkel zijn reputatie schaadde – begon hij een proces tegen de krant en Google.

Wat vond het hof?

Het Europees Hof oordeelde dat zoekmachines delen informatie in kaart brengen die normaal moeilijk met elkaar in verband worden gebracht. Internetgebruikers kunnen zo ‘min of meer een gedetailleerd profiel opstellen van personen waarop is gezocht’.

Dit zou volgens het Hof in conflict kunnen komen met het recht op eerbiediging van het privéleven en het recht op bescherming van persoonsgegevens.

De raadsheren concludeerden daarom dat de oorspronkelijke krantenpublicatie rechtmatig was, maar dat Google wel gedwongen mag worden om het artikel uit zijn zoekresultaat te laten verwijderen.

Publiek belang

Het is voor het eerst dat een Europese rechtsprekend orgaan het ‘recht om vergeten te worden‘ erkent. Internetgebruikers mogen volgens het Hof in het vervolg een verzoek indienen bij zoekmachines om irrelevante of foute gegevens te schrappen.

Het bedrijf achter de zoekmachine moet daarop zelf het verzoek beoordelen. Hierbij zou het publieke belang van de informatie, bijvoorbeeld in het geval van politici, ook een rol moeten spelen.

Europese regels

De uitspraak gaat in tegen het advies van de advocaat-generaal, de belangrijkste adviseur van de rechtbank, die vorig jaar nog zei dat het recht om vergeten te worden niet bestaat onder Europees recht.

Daarnaast is het van belang dat het Hof geoordeeld heeft dat Google – omdat het een kantoor in Spanje heeft – zich aan de Europese regels moet houden. Google ging er eerder vanuit dat het bedrijf onder Amerikaanse regels viel omdat de informatie niet in het kader van de Spaanse activiteiten werd verwerkt.

D66-Europarlementariër Sophie in ’t Veld laat weten zeer blij te zijn met de uitspraak, die zou tonen ‘dat Google niet alleen maar een doorgeefluik is’. ‘Hiermee komt Europa weer in de leiding als het gaat om privacybescherming.’

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.